Naar boven ↑
4.618 resultaten

Rechtspraak

OR 2026-0122

Uitstoting minderheidsaandeelhouder na overname Inter-Psy

Deze zaak betreft de nasleep van de overname van een grote instelling voor geestelijke gezondheidszorg. De oprichter hiervan verkoopt via een van zijn vennootschappen alle aandelen in de zorgonderneming en verwerft vervolgens indirect een belang van 15% in de verkochte vennootschap. Kort na de overname ontstaan conflicten over onder meer de governance, de zorginhoudelijke aansturing, de financiële situatie van de groep en de uitvoering van de tussen partijen gemaakte afspraken. De oprichter van de zorgvennootschap verzoekt de OK een onderzoek te gelasten en onmiddellijke voorzieningen te treffen. De andere aandeelhouders verzoeken op hun beurt om uitstoting van de (vennootschap van de) oprichter. De OK wijst het enquêteverzoek af en oordeelt dat het voortduren van het aandeelhouderschap van de oprichter in redelijkheid niet langer kan worden geduld. Daarbij weegt de OK mee dat de zorgonderneming een belangrijke regionale functie in de geestelijke gezondheidszorg vervult. Het vennootschappelijk belang wordt mede gekleurd door het publieke belang bij de continuïteit en toegankelijkheid van kwalitatief hoogwaardige zorg. Door de vennootschap tot speelbal te maken in het aandeelhoudersconflict hebben de oprichter en de aan hem verbonden vennootschappen naar het oordeel van de OK op ernstige wijze gehandeld in strijd met de jegens de vennootschap in acht te nemen eisen van redelijkheid en billijkheid. De oprichter wordt (via zijn persoonlijke vennootschap) veroordeeld haar aandelen aan de overige aandeelhouders over te dragen. De OK merkt de uitgestoten aandeelhouder op grond van de aandeelhoudersovereenkomst aan als bad leaver; de prijs bedraagt daarom 20% van de marktwaarde van haar aandelen. Ten aanzien van enkele samenhangende contractuele vorderingen verklaart de OK zich vanwege een forumkeuzebeding onbevoegd.
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 11-06-2026