Recht op en spoedeisend belang bij instellen Raad van Advies
In deze zaak vordert de appellant, mede namens zijn drie kinderen, dat zijn moeder en broer meewerken aan het instellen van een Raad van Advies binnen de STAK die alle aandelen houdt binnen het familiebedrijf. De voorzieningenrechter had de vordering afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang. Het hof oordeelt echter dat appellanten wel recht hebben op en spoedeisend belang hebben bij het instellen van de Raad van Advies, zoals bepaald in de statuten van de STAK, en veroordeelt de moeder en broer om hieraan mee te werken.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 15-10-2024